Uitgangspunt in iedere e-HRM ambitie is het vergroten van de zelfredzaamheid van managers en medewerkers. Realisatie van zelfredzaamheid gaat samen met een verandering in gedrag, verantwoordelijkheden en taken, zowel bij managers en medewerkers als bij de HR-afdeling. Dit is een complex proces dat terecht aandacht opeist. Om het gewenste gedrag te kunnen tonen, moet de medewerker naast nieuwe vaardigheden ook kunnen beschikken over de juiste informatie. Met andere woorden, de medewerker moet zo gefaciliteerd worden, dat het vertrouwen groeit dat de nieuwe taken goed uitgevoerd kunnen worden.
Steeds vaker hoor en lees ik dat je pas echt bezig bent met HR analytics als je voorspellende analyses doet die de waarde van een medewerker uitdrukt in de hoeveelheid geld die hij of zij oplevert en/of de mate waarin klanttevredenheid wordt verhoogd door zijn of haar betrokkenheid. Onzin!
Peter Cappelli, talent goeroe aan de Wharton School of Business, stelt dat in de Verenigde Staten steeds meer organisaties stoppen employee surveys. De bedrijven weten toch al dat het slecht gesteld is met de betrokkenheid. Dus waarom nog meten en jezelf kwellen? Dat die betrokkenheid zo laag is, wijdt Cappelli aan de continue reorganisatiedrift. Baanzekerheid is voor medewerkers geen asset meer is om een vast dienstverband aan te gaan. Daarnaast investeren bedrijven steeds minder in de ontwikkeling van hun medewerkers. Het duurt te lang, ze zijn zo weer weg en het levert te weinig op. Vanuit dit perspectief worden satisfaction/engagement surveys vaak gezien als een typisch gevalletje van BNVA (Business Non Value Adding). Volgens Cappelli is dit de wereld op z’n kop en een betreurenswaardige tendens: omdat we slecht bezig zijn, steken we onze kop maar in het zand…